Handreiking Ruimtelijke Ontwikkeling LimburgProvincie Limburg
www.limburg.nl
.
home ->Toetsingscriteria voor planbeoordeling

2Toetsingscriteria voor planbeoordeling

Hoofdstuk 2 gaat in op de toetsingscriteria die de provincie Limburg hanteert voor de planbeoordeling. Hierbij is uitgegaan van de onderwerpen die raakvlakken hebben met provinciaal beleid, en/of gebaseerd zijn op wettelijke verplichtingen. In de meeste gevallen biedt het  POL, andere vastgestelde provinciale beleidskaders en de van toepassing zijnde wet voldoende duidelijkheid om rechtstreeks als toetsingskader te dienen. Per onderwerp wordt dan ook kort op het vigerende beleid ingegaan. Tevens vindt per onderwerp een verwijzing plaats naar de relevante teksten uit het POL. In zijn algemeenheid zijn de strategische hoofdstukken 1.3 (kritische kwaliteiten), en hoofdstuk 3 (kwaliteitsprofielen en perspectieven) uit het POL relevant. Daarnaast zijn per onderwerp nog specifieke verwijzingen naar relevante hoofdstukken of paragrafen uit het POL gemaakt.

Voor een aantal onderwerpen zijn nieuwe provinciale beleidskaders vastgesteld, zoals voor teeltondersteunende voorzieningen, contourenbeleid, natuurbeleid (EHS/POG/Natuurcompensatie) en Grensmaas. Op een aantal punten zal ook het POL-beleid worden heroverwogen en aangepast, onder andere voor het beleid voor bedrijventerreinen, vrijkomende agrarische bebouwing en archeologie. Voorts zal ook het rijksbeleid van de Nota Ruimte naar provinciale beleidskaders worden doorvertaald. Naar verwachting zal medio 2006 hiertoe een integrale actualisering van het POL worden opgestart. Zodra de betreffende beleidskaders zijn vastgesteld, gelden zij als toetsingscriteria bij planbeoordeling en zullen deze tijdig bekend worden gemaakt en worden verwerkt in de Handreiking RO.

Alleen voor zover noodzakelijk zijn in deze Handreiking door Gedeputeerde Staten van Limburg aanvullende regels gesteld. Deze aanvullende regels zijn apart weergegeven. De in dit hoofdstuk opgenomen aanvullende regels hebben, evenals het POL, de status van beleidsregel in de zin van de Awb. Dit betekent dat zij toetsingscriterium zijn voor de beoordeling van bestemmingsplannen. Mits goed gemotiveerd, dat wil zeggen op basis van een goed onderbouwde integrale belangenafweging, kunnen gemeenten en Gedeputeerde Staten van deze beleidsregels afwijken.

Dit hoofdstuk geeft hieronder de aspecten weer die vanuit provinciale optiek relevant kunnen zijn. In de planvoorbereiding dient aan de voor dat plan relevante aspecten zorgvuldig aandacht te worden besteed, op basis waarvan integrale keuzes gemaakt dienen te worden. Onderzoek naar de relevante aspecten moet inzicht geven in ter plaatse en in de omgeving aanwezige waarden en kwaliteiten; dit vormt de basis voor integrale afwegingen ten aanzien van de ontwikkelingsmogelijkheden (functies en bestemmingen) van het betreffende plangebied.

< inhoudsopgave